Eric De Coninck: Europese emissiehandel werkt averechts voor zware industrie - Utilities
nieuws

Eric De Coninck: Europese emissiehandel werkt averechts voor zware industrie

Publicatie

7 Dec 2018

Categorie

Utilities

Soort

nieuws

Tags

ArcelorMittal, ETS

ArcelorMittal kan zijn kooldioxide-uitstoot aanzienlijk beperken door zijn koolmonoxide naar Dow Terneuzen te transporteren in plaats van te verbranden. Door de huidige opzet van het Europese emissiehandel systeem levert die emissiebeperking het bedrijf echter niets op. Als die fout in ETS niet snel wordt gerepareerd, zal dat volgens group CTO Eric de Coninck zeer negatief uitpakken voor de Europese zware industrie.

Zo’n kleine zeven procent van de mondiale CO2-uitstoot kan op het conto van de staalindustrie worden geschreven. Niet geheel verrassend, want de chemische reacties in de ovens, waarmee deze industrie met koolstof ijzeroxidemoleculen reduceert tot staal, verlopen op hoge temperaturen. Helemaal koolstofvrij zal de staalindustrie dan ook niet worden. Wel kunnen de CO2-moleculen, die ontstaan bij de productie van staal, in de grond worden gestopt of als grondstof voor chemicaliën worden ingezet. ArcelorMittal is vanwege die laatste ambitie vier jaar geleden een samenwerking met Dow Chemical aangegaan voor een gezamenlijke proef. De koolmonoxide van ArcelorMittal, kan namelijk samen met overtollig waterstof van Dow worden omgezet in synthetische nafta. De emissiekosten van ArcelorMittal zullen er echter niet door afnemen onder de huidige regelgeving van het emission trade scheme (ETS) van de Europese Commissie. Eric de Coninck, general manager Group CTO van ArcelorMittal Group ziet dan ook graag een herziening van de ETS-afspraken zodat ook de industrie geprikkeld wordt te investeren in emissieverlaging.

Denkfout

‘De ETS-regeling is in het leven geroepen om de CO2-uitstoot van de energieproducenten in te perken’, steekt De Coninck van wal. ‘De rekensom is bij de utilitiesbedrijven snel te maken: het steenkool of aardgas dat de bedrijven inkopen, levert een bepaalde koolstofemissie op. De bedrijven krijgen dan ook een rekening gepresenteerd die is gebaseerd op die ingaande grondstoffen. De achterliggende gedachte is dat bedrijven dan sneller worden geprikkeld om voor brandstoffen te kiezen met een lager emissieprofiel.

Hetzelfde monitoring schema wordt bij de ETS-plichtige industrie gehanteerd. Ook bij ons kijkt de emissieautoriteit mee wat er aan kolen de fabriek in komt, waarna wij de rekening gepresenteerd krijgen van onze emissies. Alleen staan de chemische industrie en de staalindustrie voor een voldongen feit. Wij hebben koolstof nodig als reactant en kunnen dus niet zonder ingrijpende proceswijzigingen overstappen naar elektriciteit of waterstof, die overigens veel duurder is dan koolstof. Bij de productie van één ton staal produceren de efficiënte bedrijven zo’n twee ton CO2. Wij en Tata Steel in IJmuiden doen het nog iets beter en zitten op een gemiddelde van 1,7 ton, maar in de minder gereguleerde landen is een uitstoot van 3,5 ton CO2 gangbaar.

 

Bron: Utilities