Hoe gaat de energiemarkt om met besparen en verduurzamen?

maandag 12 december 2011 Teus van Eck 11x gelezen

Is het alleen het ontbreken van een langetermijnoverheidsbeleid waardoor besparen en verduurzamen niet echt snel gaan, of laat de markt zelf kansen liggen? Veel marktpartijen leggen de bal graag bij de overheid neer. Hoewel ook ik niet enthousiast ben over het overheidsbeleid en de trage EU-besluitvorming, blijkt bij nadere analyse dat de oorzaak helemaal niet zo eenduidig is.

De meeste grote energiebedrijven zijn vooral geïnteresseerd in grootschalige traditionele elektriciteitsproductie. Groene projecten zijn voor hen grootschalige windmolenparken en het bijstoken van biomassa, mits met voldoende overheidsgaranties. Het bijstoken van biomassa is naar verhouding goedkoop. Het energetisch rendement is maximaal 40 procent elektrisch en de rest wordt weggekoeld. Of deze inzet de biomassamarkt verstoort en lokale oplossingen met WKK veel moeilijker maakt, lijkt niet aan de orde te zijn. WKK is bij nieuwbouw nauwelijks een onderwerp waardoor, afhankelijk van de specifieke situatie, tot bijna 50 procent van de brandstofinput niet wordt benut. Flexibiliteit van de elektriciteitsproductie is leidend terwijl de warmtevraag veel groter is dan de elektriciteitsvraag. Het gehele denken en handelen is gericht op grootschaligheid en elektriciteit. Er wordt bijna automatisch van uitgegaan dat de elektriciteitsvraag sterk zal blijven toenemen en dat lage temperatuurwarmteleveringen op termijn volledig ‘geëlektrificeerd’ zullen worden, al dan niet met behulp van warmtepompen. Het meest succesvolle grootschalige ‘groene’ project, de kabel tussen Nederland en Noorwegen, is zelfs geen initiatief van de energieproducenten maar vooral van de TSO’s en de energiehandel.
En wat gebeurt er lokaal? De vele berichten over lokale initiatieven wekken de indruk dat het nog maximaal tien jaar duurt voordat bijna alle gebouwen, kassen en processen energie- en/of CO2-neutraal zijn. Duurzame energie is volledig concurrerend en door de Smart Grids hebben we de grote internationale bedrijven helemaal niet meer nodig. Inderdaad is er een aantal prima initiatieven gerealiseerd maar er zijn ook veel teleurstellingen door onkunde en veel te hoge verwachtingen. De meeste ‘CO2’-vrije gebouwen betrekken 80 procent van de tijd grijze stroom uit het openbare net. Door het ontbreken van kwaliteitscontrole en integrale projectaanpak presteren veel gebouwen, installaties en apparatuur energetisch veel slechter dan verwacht. Ook blijken terugverdientijden vaak veel langer te zijn dan beloofd, maar niet gegarandeerd.
Hoe doorbreken we dit? De grootste post in ons energieverbruik is laagwaardige warmte. Hiervoor zetten we meestal nog aardgas in terwijl deze warmte onbeperkt beschikbaar is. Op de korte termijn is er heel veel bijna ‘groene’ warmte beschikbaar in de vorm van ‘restwarmte’ van conventionele centrales, AVI’s, biomassacentrales en de industrie. Hiervoor is het wel vereist dat er voldoende vraag en aanbod bij elkaar is en dat er met collectieve systemen wordt gewerkt. Daarnaast is er echter onbeperkt aardwarmte en zonnewarmte beschikbaar. Nu ook de mogelijkheden voor seizoensopslag van warmte steeds beter en goedkoper lijken te worden kunnen we de restwarmte uit fossiele bronnen geleidelijk vervangen door echte duurzame bronnen en worden we voor dit deel echt duurzaam. Voor situaties waar we beslist ook koeling nodig hebben of met een beperkt temperatuurverschil kunnen werken, zijn combinaties met warmtepompen en natuurlijke koelingsbronnen inzetbaar.
Bij beschikbaarheid van duurzame warmtebronnen moeten apparaten en processen die nog lagetemperatuurwarmte met elektriciteit maken ook omschakelen naar directe benutting van warmte. Wanneer we dan via veel efficiëntere apparaten en processen, bewust gebruik en kwaliteitscontrole het elektriciteitsverbruik duidelijk kunnen verlagen dan gaat het verbruik aan fossiele brandstoffen sterk dalen en wordt het duurzame aandeel snel groter. Wel moet dan, naast de opslag van warmte, ook opslag van elektriciteit in combinatie met vraag- en aanbodsturing de pijler onder de energievoorziening worden. In een dergelijk systeem past ook grootschalige groene elektriciteitsproductie. Hiervoor zijn wel extra prijsprikkels nodig, plus een duidelijke regiefunctie over de gehele keten, zowel lokaal als internationaal. Wie denkt dat de energieprijzen laag blijven, de beschikbaarheid van fossiele brandstoffen en de kwetsbaarheid hiervan geen probleem worden en wij niet verantwoordelijk zijn voor de toekomst van de aarde, vraag ik toch om deze optie serieus te beoordelen.

Utilities is een uitgave van Industrielinqs Pers & Platform.
© 2012 www.utilities.nl - alle rechten voorbehouden.